Governance inspecties AW

De externe toezichthouder Autoriteit Woningcorporaties (AW) heeft verslag gedaan van de governance inspecties die ze in 2017 uitvoerde. De meeste onderzochte corporaties werden als voldoende beoordeeld. Voldoende betekent dat ze in hoofdlijnen voldoen aan het minimum (zie onderstaande figuur) voor de governance. Overigens is het goed om te weten dat dit minimum door de loop van de tijd omhoog zal gaan. Werk aan de winkel dus.

De derde trede is op dit moment het minimum niveau. Zoals in onderstaand figuur zichtbaar is, zitten de meeste corporaties op dit minimum niveau, een klein aantal eronder en een nog kleiner aantal erboven. Grootste manco bij de onvoldoende beoordeelde corporaties was de gebrekkige invulling van de control-functie; vooral bij kleine corporaties is het lastig deze onafhankelijke rol in te vullen.

Met betrekking tot de bestuurders concludeert de AW dat de noodzakelijke checks en balances meestal aanwezig zijn, maar dat het moeilijk is om het functioneren hiervan te controleren. Met betrekking tot de RvC concludeert de AW dat er veel kwaliteitsverschil zit in de zelfevaluaties, van summier tot breed en diepgaand. Wel valt het de AW positief op dat de RvC zich open stelt in de zelfevaluatie. Een aantal corporaties signaleert dat de RvC vooral functioneert als toezichthouder en dat de klankbordrol nog verder ontwikkeld moet worden. Dit kan bijvoorbeeld door middel van themasessies. Het dilemma van de juiste afstand en nabijheid blijkt ook nog steeds een lastige.

De AW concludeert dat het lastig is om zicht te krijgen op de cultuur en wat binnen de organisatie daadwerkelijk gebeurt en bezint zich erop hoe hier meer zicht op te krijgen.